Panarchie, voor een beter verlopende transitie

Wij weten allemaal dat er veel weerstand kan bestaan tegen vernieuwingen. Een probleem voor vele onderzoekers en ondernemers, bijvoorbeeld op het terrein van de biobased economy. De wetenschap van systeeminnovatie behandelt de vraag hoe wij zulke weerstanden kunnen overwinnen. De nieuwste term op dit gebied is panarchie, een gecontroleerd proces van mondiger worden van kleine groepen. Zoals uitgelegd door Derk Loorbach in zijn inaugurele rede aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.

Derk Loorbach
Derk Loorbach

Lock-in en lock-out

‘De manier waarop we de samenleving hebben georganiseerd in de laatste eeuw, met al zijn successen, is toch fundamenteel onduurzaam,’ zegt Loorbach. ‘Maar we beginnen pas nu de echte uitdagingen te zien.’ De drie ‘motoren van moderniteit’ die vorige eeuw de ontwikkelingen voortdreven (centrale controle, fossiele bronnen, en lineair denken) beginnen nu hun ingebouwde zwakheden te tonen. Vanaf 2000 bijvoorbeeld was veel van de economische groei alleen maar denkbeeldig. Daarom zien we nu spanningen ontstaan in onze op groei gerichte samenleving. Er zijn bijvoorbeeld grote problemen bij afvalbeheer en gezondheidszorg. Hoewel voorkómen efficiënter en goedkoper zou kunnen zijn dan genezen, blijkt de maatschappij niet tot zulke innovatieve oplossingen te kunnen komen. Zelfs het streven naar duurzaamheid is ‘opgesloten’ (locked in) in dit ‘probleem-industriële complex’, gericht als dit is op de optimalisatie van wezenlijk onduurzame processen en structuren.

societynoteconomyLoorbach onderzoekt de mogelijkheid van een ‘uitbraak’ (lock-out), gebaseerd op drie beginselen tegengesteld aan de heersende ‘motoren van moderniteit’: wederzijdse samenwerking, duurzame grondstoffen en systeeminnovatie. Kortom ‘panarchie’, omschreven als ‘een nieuwe wederzijds verbonden vorm van anarchisme: zichzelf organiserende netwerken’. Panarchie vormt een onderdeel van Loorbachs zoektocht naar ‘strategieën voor beter verlopende transities naar nieuwe evenwichten’. Bij deze zoektocht concentreert hij zich op iets anders dan de meeste onderzoekers van systeeminnovaties. De laatste tien jaar hebben deze veel aandacht besteed aan de botsing tussen innovators en zittende machten, en zochten daarbij manieren om de positie van de innovators te versterken. Loorbach ziet in dat niet de strijd als zodanig, maar een ‘beter verlopende transitie met zo weinig mogelijk conflict’ het doel is dat moet worden ondersteund. Het transitieproces dat hij wil bevorderen zou bij voorkeur verlopen via een reeks ‘stabiele dynamische evenwichten’ die hij beschrijft als ‘sustability’. (Dit is in het Engels ook een woordgrapje: ‘sustainability’ minus ‘inability’ zou ‘sustability’ zijn. In het Nederlands misschien ‘duurzabiliteit’?)

Panarchie, voor een beter verlopend transitieproces

Panarchie zou meer bottum-up zijn dan het huidige politieke en economische proces. Maar Loorbach signaleert dat het publieke debat al wordt beheerst door bottom-up processen, gebaseerd op saamhorigheid (inclusiviteit), circulariteit en echte waarden. Maar deze processen duren vaak maar kort en hebben uiteindelijk weinig invloed. De echt belangrijke sociale innovatie zou daarom moeten liggen in de ontwikkeling van doeltreffender maatschappelijke organisatievormen met meer blijvende invloed. Wel krijgen sommige bottom-up innovaties al vaste voet aan de grond in de samenleving, en dit komt dan vaak doordat mensen met een positie in de formele maatschappij (vooral ambtenaren) ook actief zijn in lokale actiegroepen, en op die manier de werelden van bottom-up en top-down met elkaar verbinden. Panarchie bestaat precies op dit knoppunt. Het idee houdt een organisatievorm in met een wisselende mengeling van overheid, samenleving en markt, al naar gelang het probleem en de betreffende transitiefase, en de betrokken personen. Daarom zal panarchie niet alleen meer bottom-up zijn dan de maatschappij van nu, maar ook meer top-down dan veel voorstanders van bottom-up nastreven. En dat alles om de zelforganiserende gemengde bestuursvorm voor elkaar te krijgen, nodig voor het zo gewenste beter verlopende transitieproces.

Mensen als Loorbach zouden op onverwachte manieren geholpen kunnen worden bij hun zoektocht. Ik denk vooral aan technologische ontwikkelingen. Twee eeuwen lang, sinds de ontwikkeling van de stoommachine, is de samenleving voortgestuwd door technologieën met sterke schaalvoordelen. Dit heeft ongetwijfeld bijgedragen tot de zo bekritiseerde centrale controle, vanwege de voordelen die dit bood aan grootschalige organisaties. Maar nu de technologie in snel tempo kleinschaliger wordt, geïnspireerd door processen in de levende natuur, zou dit misschien op zijn beurt kleinschaliger organisaties kunnen bevorderen. Technologie is lang de boeman geweest, vanuit duurzaamheid en saamhorigheid bekeken. Maar nu lijkt deze zich te ontwikkelen tot een tamelijk goedaardige kracht; en dat zou radicale gevolgen kunnen hebben voor de mogelijkheden van zelforganisatie in de samenleving. Anderzijds zouden de gevolgen ook minder radicaal kunnen zijn dan wat de onderzoekers van systeeminnovaties voor ogen hebben in hun panarchistische gedachten.

(Visited 1 times, 1 visits today)

Plaats een reactie