Gaan we in de toekomst tomatenplanten in fabrieken telen?

Onderzoekers van Wageningen University & Research en de Universiteit van Utrecht onderzoeken hoe we tomatenplanten in fabrieken kunnen telen. Met dit principe zouden we de voedselvoorziening kunnen omvormen, waardoor deze duurzamer en schokbestendiger wordt. Het team heeft zijn visie gepubliceerd in het tijdschrift Trends in Biotechnology.

Het telen van tomatenplanten in fabrieken begint met een zaad of een stukje blad. Dan moeten we de genen opwekken die over de bloei gaan. Als we de juiste triggers vinden kan het startmateriaal zich ontwikkelen tot een bloemknop. Net als in de natuur kan de bloem worden bevrucht; of in dit geval: gebracht tot het ontwikkelen van een vrucht. Deze vrucht gaat echter niet groeien op zonlicht, maar op een oplossing rijk aan koolhydraten.

Voordelen

Volgens Lucas van der Zee, promovendus aan de Tuinbouw en Productfysiologie-groep aan de Universiteit van Wageningen, heeft het telen van tomaten in fabrieken grote voordelen. Het zou betekenen dat we delen van onze voedselvoorziening losmaken van klimaatverandering; en dat er veel minder land nodig zal zijn voor het telen van voedsel.

Voor de eerste keer onderzoeken wetenschapsmensen hoe een bloemknop zich ontwikkelt tot een rijpe vrucht. Ze baseren zich op afzonderlijke stappen die al beschreven zijn in de literatuur. En brengen deze voor de eerste keer samen in een enkel theoretisch raamwerk. Ze werken samen met Niels Peeters van de Universiteit Utrecht, die werkt aan de beslissende stap waarbij het uitgangsmateriaal zich ontwikkelt tot een bloemknop.

Kleine vruchten, grote vragen

Hoewel de onderzoekers optimistisch zijn over de mogelijkheden, leggen ze er de nadruk opdat het concept nog in een vroege fase zit. De eerste vruchten die op deze manier worden geteeld zijn klein, en hun productie is allerminst duurzaam. Als gewone suiker wordt gebruikt om de vruchten te laten groeien, wordt het milieuvoordeel ongedaan gemaakt door het extra land, nodig voor het telen van die suiker. Een mogelijke oplossing is het gebruik van acetaat, het hoofdbestanddeel van azijn, gemaakt met CO2. Hiertoe moet CO2 reageren met water terwijl er een stroom door wordt geleid. Medeauteur Robert Jinkerson van de Universiteit van Californië onderzoekt hoe planten acetaat kunnen gebruiken voor hun groei; een belangrijke stap naar een toekomst waarin we voedsel kunnen produceren op een minimum aan land.

Dit onderzoek roept niet alleen technische maar ook sociale en ethische vragen op. ‘We denken dat het belangrijk zal zijn, dat mensen zich kunnen uiten over de manier waarop hun voedsel wordt geproduceerd,’ zegt Van der Zee. ‘Want opbrengst is meer dan een consumptieproduct.’ Hoe we eten maken, consumeren en delen, draagt bij aan wie wij zijn. Samen met filosoof en coauteur Zoë Robaey van Wageningen Universiteit & Research, die de ethiek van biotechnologie in de landbouw onderzoekt, kijkt het team ook naar vragen rond eigendom, de toegang tot technologie, en de rol van boeren en kwekers.

Van der Zee zegt: ‘we willen de kennis die we ontwikkelen vrij toegankelijk maken, zodat mensen op de hele wereld kunnen helpen vormgeven hoe gekweekt fruit eruit dient te zien en moet smaken.’

Interessant? Lees dan ook:
Voedselbos: voedsel produceren in biodiversiteit
Is het leven maakbaar? Plantengentechnologie, geschiedenis
Nuttig gebruik van landbouwafval

(Visited 18 times, 1 visits today)