Positief klimaateffect van gebruik van restanten van bosbouw

Het effect van bio-energie op het klimaat heeft publicitair zijn ups en downs gekend. Rond de eeuwwisseling werd dit gevierd als een oplossing voor klimaatverandering. Snelgroeiende gewassen zouden ons veel energie leveren. Daarna werd bio-energie sterk aangevallen. Voorstanders moesten zich terugtrekken. Maar de bio-energie is er nog steeds, zij het in bescheidener vorm: gebruik van restanten van bosbouw. Hebben we nu inderdaad het idee van energieproductie door snelgroeiende gewassen achter ons gelaten?

restanten van bosbouw
Het gebruik van restanten van bosbouw zal een positief klimaateffect hebben. Foto: Wikimedia Commons.

Reststromen

In het verleden hebben ook wij ons verzet tegen het idee dat energiegewassen de klimaatproblemen zouden oplossen. Onze conclusie was: bio-energie is OK, als deze wordt opgewekt uit reststromen zoals restanten van bosbouw. Dit zou aan drie criteria moeten voldoen. Biomassa in de eerste plaats gebruiken om nieuwe energiesystemen te vormen, op basis van zon en wind. Want het klimaateffect van direct gebruik van biomassa bleek dubieus. Verder zouden we natuurlijke energiebronnen niet te snel moeten gebruiken; ze zouden zich moeten kunnen herstellen – zoals grondwater, vissen, bossen. En we zouden niet over milieugrenzen heen moeten gaan; bijvoorbeeld alleen water moeten lozen waarin vissen zouden kunnen leven. En we zouden nooit moeten vergeten dat we per hectare veel méér energie kunnen opwekken met zonne-energie dan met biomassa, tenminste tien keer zo veel.

Deze discussie die tien jaar geleden fel werd gevoerd, lijkt nu onze kant op te kantelen. NNFCC News Review rapporteerde over KLIMAHOLZ, een nieuw rapport van Bioenergy Europe (‘de stem van de Europese bio-energie’, zoals zij zichzelf noemen). Het rapport bepleit het respecteren van milieugrenzen. Meer in het bijzonder: energieproductie met restanten van bosbouw in plaats van met het hele gewas. Natuurlijk met een veel lagere opbrengst; maar ook veel duurzamer. Het rapport is nog niet gepubliceerd. Maar de voorlopige resultaten laten zien dat ‘het gebruik van restanten van bosbouw voor bio-energie tot 2050 een positief effect op het klimaat zal hebben’. Deze restanten zouden anders op de grond blijven liggen en vergaan.

energiegewassen
Het telen van energiegewassen, zoals de Misscanthus sinensis (foto) zal onze vraag naar energie niet dekken. Foto:Miya m., Wikimedia Commons.

Restanten van bosbouw

Het rapport verstaat onder deze restanten: alle oogstresten en al het natuurlijke verlies door sterfte, insecten en stormen. Dit hout van lage kwaliteit is niet geschikt voor ander gebruik in de houtindustrie. Door deze restanten van bosbouw te gebruiken zou Europa tussen 2020 en 2050 ongeveer 5,6 miljard ton CO2eq minder uitstoten. Zonder schade aan de biodiversiteit of de gezondheid van het bos. Hierbij houden de auteurs rekening met 10% restanten van bosbouw die in het bos kunnen blijven en vergaan. Nodig voor een gezonde en productieve bodem. Zo’n gebruik van restanten van bosbouw zou goed zijn voor energietransitie, klimaatbescherming en biodiversiteit.

De schrijver van het onderzoek, Hubert Röder, zegt ‘dat er nog veel potentieel is voor energetisch gebruik van houtige biomassa. Dit is vooral een restproduct van een slimme en duurzame exploitatie van het bos, gericht op kwalitatief goed timmerhout. Als deze resten niet worden gebruikt, rotten ze weg in het bos.’ We kunnen ze beter goed gebruiken.

Interessant? Lees dan ook:
Energiebossen zijn een illusie
Grenzen aan gebruik van biomassa
Duurzame koolstof, de sleutel tot een duurzame chemische industrie

(Visited 47 times, 1 visits today)

Plaats een reactie