Roundup discussie: het lijkt wel het klimaatdebat

Roundup, wetenschappelijke naam glyfosaat, is het meest gebruikte en meest bekritiseerde onkruidbestrijdingsmiddel. Officiële studies verklaren steeds weer dat het middel niet heel giftig is voor mens en dier; maar er is een hardnekkige onderstroom die Roundup verbindt met alle moderne kwalen. Het lijkt wel het klimaatdebat, vooral door de verbinding met dat andere lastige dossier, genetische modificatie: de twee partijen praten vooral met zichzelf. Een studie in Roundup is daarom ook een studie in (non-)communicatie.

Dit is het vierde artikel in een reeks over controverses rond genetische modificatie. De artikelen verschenen op 25 oktober, 8 november en 6 december 2015 en 16 februari 2016.

Sproeien van RoundupRoundup en genetische modificatie

De aanleiding voor deze column was een stukje op de site duurzaamnieuws.nl met de bespreking van een nieuwe studie van Samsel en Seneff; deze vonden aanwijzingen voor kankerverwekkende eigenschappen van Roundup én voor manipulatie van onderzoeksmateriaal door Monsanto. Kanker, Roundup, Monsanto: alle dodelijke bedreigingen bij elkaar. Voor duurzaamnieuws.nl is het volstrekt duidelijk: dit stinkt. Ik heb het weerwoord op deze studie van Samsel en Seneff nog niet gezien, maar hun vorige studie werd overtuigend bekritiseerd op pro-GMO sites als geneticliteracyproject.org. Met als belangrijkste punt dat er ‘geen enkel hard gegeven in stond’. Samsel is zelfstandig onderzoeker, Seneff werkt op de afdeling Computing and Artificial Intelligence van MIT. Hun artikel is sterk in het leggen van statistische verbanden, maar niet in het overtuigend aangeven van oorzaken. Terwijl dat voor wetenschappelijke conclusies toch nodig zou zijn. Eén commentator wijdt duizend woorden aan de weerlegging van de suggestieve conclusie van één zin, ‘zoveel desinformatie in één lastige zin en zoveel specialistische kennis nodig om deze door te prikken. Stel je voor hoeveel er daarvan zijn in het hele stuk….’ De uitsmijter van de kritiek is dat boeren toch onkruid moeten bestrijden – waarbij Roundup een relatief onschadelijk middel is, in elk geval voor mensen en dieren.

RoundupEn toch is dit commentaar in zekere zin volkomen irrelevant – op de achtergrond staat immers die nog grotere boeman, genetische modificatie. Roundup wordt veel gebruikt door boeren om de akker vrij te maken van ál het onkruid, waarna zij gewassen kunnen planten die door genetische modificatie bestand zijn gemaakt tegen het middel. De heftigheid en vasthoudendheid van de kritiek op Roundup kunnen we alleen verklaren wanneer we genetische modificatie als eigenlijk doel van de kritiek zien. En deze vasthoudendheid lokt op zijn beurt weer een stugge verdediging van Roundup uit door voorstanders hiervan. In dit debat schuwt men grove overdrijvingen niet. Séralini, een ander boegbeeld, vindt voortdurend kanker, zowel bij Roundup als bij genetisch gemodificeerde voedingsmiddelen. In proeven waarbij andere onderzoekers deze resultaten niet vinden, óf die worden afgewezen vanwege een foutieve onderzoeksopzet. En Samsel en Seneff brachten in hun eerdere artikel Roundup in verband met vrijwel alle Westerse gezondheidsklachten, zoals ‘spijsverteringsstoornissen, obesitas, autisme, ziekte van Alzheimer, depressie, ziekte van Parkinson, leveraandoeningen en kanker’. Een interessant commentaar: ‘Als een studie zegt de oorzaak te hebben gevonden voor een samenraapsel van ziektes (als dit) moeten er gigantische alarmbellen afgaan. Dit zijn enorm verschillende ziektes; het is niet alleen onvoorstelbaar dat daar één oorzaak voor is gevonden, het klinkt onwijs.’

Het wantrouwen tegen officiële informatie

Wetenschapsjournalisten die verantwoord verslag willen doen van zulke controverses staan voor een groot dilemma. Zij kunnen onmogelijk alle achterliggende literatuur lezen. Dat is al nauwelijks mogelijk voor vakgenoten. Als zij er al de tijd voor hebben: het gebeurt geregeld dat de echte deskundigen zich terugtrekken na twee bijdragen aan het debat te hebben geleverd, onder het motto: ik kan mijn tijd beter besteden dan aan deze onzin. Blijft over als strategie: argumenten wegen. Welk argument in een debat is het meest plausibel? Antwoordt men op elkaar of herhaalt men het eigen standpunt? Opvallend is de gelijkenis in structuur met het klimaatdebat. Alleen zijn hier de bordjes verhangen. In het klimaatdebat wantrouwt ‘rechts’ de officiële informatie, in het debat rondom Roundup en genetische modificatie doet ‘links’ dat. Mensen aanvaarden of verwerpen wetenschappelijke inzichten, al naar gelang hen dat het beste lijkt. Als zij niet naar de zin zijn, moet er wel een geheim achter schuil gaan. Met als treurige overeenkomsten de wantrouwende burger en een zeer gepolariseerd debat waarin niet-partijkiezen onmogelijk lijkt te zijn.

Groenland gletsjer
Het lijkt wel op het klimaatdebat – alleen met de rollen omgedraaid.

In het klimaatdebat heeft deze polarisatie een vruchtbare voedingsbodem voor desinformatie opgeleverd. Voortreffelijk beschreven en gedocumenteerd door Jan Paul van Soest in zijn boek De twijfelbrigade. Van Soest laat zien dat er een heel alternatief circuit is ontstaan van klimaatontkenners, die zichzelf serieus nemen en serieus genomen worden maar eigenlijk gebakken lucht verkopen. Zij circuleren steeds dezelfde halve waarheden, die geloofwaardig worden als zij vaak genoeg worden herhaald. Het circuit wordt in stand gehouden met geld van bedrijven met een belang bij CO2-uitstoot, lees: de olie-industrie. Het is uiteindelijk gebaseerd op wantrouwen in ‘officiële’ informatie, alles wat van de overheid komt en van mensen met een ‘officiële’ status als wetenschappelijke onderzoekers. Het treurige is nu dat er rond Roundup en genetische modificatie net zo’n circuit is ontstaan, van Roundup-ontkenners. Ook hier desinformatie die informatie wordt als deze vaak genoeg wordt herhaald. Hier niet gesteund door geld maar door mensen die het beste met de wereld voor hebben en die graag geloven dat alles wat van Monsanto komt, gelogen moet zijn. Roundup, genetische modificatie en kanker: het móet wel waar zijn! Dat de rapporten van Séralini worden beoordeeld als methodisch onjuist en dat hij er na kritiek een heeft teruggetrokken, ach…. Maar in de wetenschap geldt wel: als de methode niet klopt, is het hele stuk onbetrouwbaar.

Het echte probleem van Roundup

Dit gaat allemaal voorbij aan de kritiek op Roundup die werkelijk hout snijdt, en waaraan de voorstanders voorbij gaan. Wij kunnen onze landbouw niet grondvesten op een middel dat al het onkruid doodt. Want zo’n middel doodt in werkelijkheid niet al het onkruid; een heel klein deel, zeg een tiende promille, blijft leven. En versterkt zich, jaar na jaar waarin Roundup wordt gebruikt. Totdat de zogenoemde super weeds de kop opsteken, onkruid dat niet met Roundup kan worden vernietigd. Landbouw heeft voortdurende innovatie nodig, in een ‘gevecht’ met de natuur die steeds probeert de oude toestand te herstellen. Roundup heeft ons een paar tientallen jaren de illusie gegeven dat wij dit gevecht definitief in ons voordeel konden beslissen. Wij weten nu beter. Wij kunnen beter gewassen ontwikkelen die sterker zijn dan onkruid en die zelf bestand zijn tegen parasieten, dan proberen een steriele akker te vormen. Zulke gewassen kunnen heel goed worden ontwikkeld met genetische modificatie. Mits wij bereid zijn die toe te laten tot ons arsenaal van gereedschappen.

(Visited 1 times, 1 visits today)

1 gedachte over “Roundup discussie: het lijkt wel het klimaatdebat”

  1. In 1994, nog voordat de eerste scheepsladingen Roundup resistente genetisch gemodificeerde soja in de Europese havens arriveerden, organiseerde het LEI een stakeholderbijeenkomst over herbicideresistene gewassen. Toen al werd voorzien dat grootschalig en jaar-in-jaar-uit gebruik van Roundup zou leiden tot de ontwikkeling van Roundupresistente onkruiden. Dat was geen kwestie van kijken in een glazen bol, maar van redeneren op basis van ervaringen met het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in het algemeen. En dat geldt niet alleen voor herbicideresistenties, maar ook voor ziekte- en plaagresistenties. Dat mechanisme zien we in principe bij alle resistenties, of ze nu zijn verkregen door genetische modificatie, conventionele veredeling of andere nieuwe veredelingstechnieken.
    Door verstandig resistentiemanagement kun je de ontwikkeling van resistenties overigens wel vertragen, maar op termijn blijft het een niet-duurzame oplossing en moet je steeds weer nieuwe resistenties in de gewassen zien te veredelen.

    Resteert een aspect van herbicideresistenties, namelijk de koppeling aan het gebruik van een chemisch middel. Voor telers met enorme arealen zoals we die kennen in de VS en Zuid Amerika wel het makkelijkste middel, en voor de bedrijven die deze gewassen ontwikkelen én de betreffende herbiciden verkopen een aantrekkelijke koppelverkoop.

    Beantwoorden

Plaats een reactie