De energietransitie is ook een digitale transitie

Het Nederlandse Rathenau Instituut kwam eind vorig jaar met een behartigenswaardig rapport over de energietransitie. Wij hebben kunstmatige intelligentie, sensoren en andere datatoepassingen nodig bij deze transitie, zegt het rapport. Want we moeten oversteken van een top-down elektriciteitsnet naar een net dat vooral vanuit de haarvaten wordt gevoed – veel meer afhankelijk van data. Eigenlijk gaat het dus om een dubbele transitie: van centraal naar decentraal, en van data-arm naar datagedreven. Dit geeft allerlei data-monopolisten de kans om de elektriciteitsvoorziening naar hun hand te zetten. Maar, zo zegt Rathenau, het algemeen belang moet voorop blijven staan. Daarvoor is een actieve rol nodig van de overheid.

digitale transitie
Een elektriciteitsnet dat wordt gevoed uit vele zonnepanelen moet worden geregeld door automatische algoritmen. Foto: Public Domain Pictures

De overheid is verantwoordelijk voor een betrouwbare, betaalbare, veilige en schone levering van elektriciteit. Nu zonne-energie steeds goedkoper wordt zal betaalbaarheid geen probleem zijn. Dit is tegelijkertijd schone energie. Maar bij een wisselend aanbod komen betrouwbaarheid en veiligheid onder druk te staan. Om deze op peil te houden moeten vraag en aanbod nauwkeurig op elkaar worden afgestemd. En dit vereist monitoring en (automatische) afstemming, met middelen als sensoren en kunstmatige intelligentie. Opgebouwd vanuit de kleinschalige basis van het elektriciteitsnet. ‘Op basis van data over vraag en aanbod,’ zo schrijft het Rathenau Instituut, ‘kunnen algoritmen het aanbod sturen door bijvoorbeeld bronnen uit te schakelen of energie op te slaan, en de vraag aan te passen door prijsprikkels.’ Zonder zo’n automatische afstemming is de transitie zelfs niet mogelijk. Maar de ervaring van de laatste jaren leert ons dat databeheerders vaak misbruik maken van hun kennis. Daarom moet hun rol worden ingeperkt. En er is maar één instantie die dat kan doen: de overheid. We hebben de tijd van het neoliberalisme achter ons gelaten, met zijn idee dat markten zichzelf kunnen reguleren.

Vijf aandachtspunten voor de transitie

‘De uitdaging is dat we de kennis van vraag en aanbod inzetten voor schone, betrouwbare, veilige en betaalbare energie voor iedereen – en niet alleen voor bijvoorbeeld winstmaximalisatie,’ schrijft het instituut. Daartoe formuleert het vijf aandachtspunten.

Windturbines
Windturbines zijn dan wel groot, maar het zijn kleinschalige leveranciers van elektriciteit. Foto: Pixaby.

1: Waarborg digitale veiligheid

Een betrouwbare stroomvoorziening is van groot algemeen belang. Want andere vitale infrastructuren, zoals communicatie en betalingsverkeer, zijn ervan afhankelijk. Ook transport en klimaatbeheer in gebouwen zullen ervan afhankelijk worden. Maar digitalisering maakt dit systeem kwetsbaar voor softwarefouten, onvoorspelbaar gedrag door algoritmes en cyberaanvallen. De overheid moet daarom zorgen voor een ‘robuuste digitale infrastructuur’ voor het elektriciteitsnet (zoals de telecominfra en datacenters van het net).

2: Investeer in nationale digitale innovatiekracht

Netbeheerders hebben momenteel niet voldoende kennis en ervaring op het gebied van digitale technologie en databeheer. We moeten voorkómen, zegt het rapport, dat hightechbedrijven de energiemarkt gaan domineren door hun datamacht. Vanuit Nederland bekeken, speelt dit ook op Europees niveau. Daarom is het urgent, de digitale innovatie te versterken op nationaal en Europees niveau.

3: Bescherm privacy en autonomie van de consument

Gebruikersdata hebben commerciële waarde, want zij kunnen worden gebruikt om gebruikers te profileren en hun gedrag te beïnvloeden. Als wij dit onbeperkt toestaan, zal digitalisering van de energievoorziening leiden tot verlies van privacy en autonomie bij de consument. Daarom moet de overheid bijvoorbeeld verzekeren dat gebruikers hun eigen energiedata mogen inzien en gebruiken; en dat ze deze mogen meenemen naar een andere leverancier. Op Europees niveau belooft het ‘Clean energy for all Europeans’ pakket aan burgers een ‘actievere rol, meer keuze en flexibiliteit’ op de energiemarkt. Zodat zij bijvoorbeeld goede en geïnformeerde keuzes kunnen maken over zonnepanelen en energieopslag.

4: Zorg voor een eerlijke energie- en digitale transitie

Maar de ‘datamacht’ van de hightechbedrijven brengt de burgers vaak op een dwaalspoor. Een bekend voorbeeld is dat slimme algoritmen een andere prijs tonen voor een hotel aan verschillende consumenten, op basis van eerder zoekgedrag. Er is daarom een bewuste inspanning voor nodig om de lusten en lasten van de transitie eerlijk te verdelen. Goed gedrag moet worden beloond – bijvoorbeeld wanneer iemand op een regenachtige, windstille dag niet tussen 6 en 8 uur ’s avonds de elektrische auto oplaadt. Maar het rapport vraagt zich ook af: wil iedereen wel rationele keuzes maken?

Slimme energiemeter
Slimme energiemeters moeten veel meer functies krijgen. Foto: Wikimedia Commons.

5: Ontwikkel een brede visie op datagovernance vanuit algemeen nut

Het systeem van energiedata is momenteel niet geschikt voor de energietransitie, omdat meterstanden maar eens per jaar worden doorgegeven. Bovendien kunnen maar een paar bedrijven deze gegevens inzien. Maar de nieuwe Europese richtlijn 2019/944 bepaalt dat ‘alle daarvoor in aanmerking komende partijen’ dat moeten kunnen. De gedachte daarachter is dat nieuwe innovatieve partijen de energietransitie kunnen versnellen. Maar zij worden nu nog buitengesloten. Voor Nederland betekent dit bijvoorbeeld dat de ‘slimme energiemeter’ veel meer data moet opnemen en beschikbaar stellen. Zoals ‘data achter de meter’, bijvoorbeeld uit omvormers voor zonnepanelen en de slimme thermostaat. Of uit laadpalen of batterijen van auto’s. Ook de energiesector vraagt om heldere afspraken over het beheer en delen van deze data.

Databeheer vanuit algemeen nut

Databeheer in de energietransitie zal moeten plaats vinden vanuit algemeen nut. Dit houdt bijvoorbeeld niet-discriminerende toegang tot data in. Met collectieve afspraken over het beheer en delen van energiedata. Met respect voor privacy, veiligheid en autonomie. Verder mogen datamonopolies de concurrentie niet onmogelijk maken. De algoritmes van de stroomlevering moeten openbaar gecontroleerd kunnen worden.

De belangrijkste vraag, aldus het rapport van het Rathenau Instituut, is echter hoe burgers zeggenschap kunnen houden over het datagedreven energiesysteem. Zodat dit systeem niet wordt gedomineerd door oncontroleerbare techbedrijven. Het beheer van energiedata moet helder geregeld worden, met openbaar toezicht. Wie ook de data beheert, de toegang tot data van innovatieve bedrijven en de burgers om wie het gaat, moet goed geregeld worden.

Interessant? Lees dan ook:
Slimme elektriciteitsnetten: de kracht van kleinschaligheid
Grootschalige toepassing van zonne-energie vereist een ander energiesysteem, zegt Wim Sinke (ECN)
Energieopslag in de transitie

(Visited 1 times, 1 visits today)

Plaats een reactie